Reanimatie is het overnemen van de pompfunctie van het hart en de ademhaling indien er sprake is van een hart/ademstilstand.

organen12organen17

Indien door U de circulatie en de ademhaling op gang gebracht en/of onderhouden moeten worden , spreekt men wel van Cardiopulmonale Resusistatie (CPR).

reanimatie

Omdat bij iemand die niet ademt en/of geen hartslag heeft de dood binnen enkele minuten zal intreden als er niets wordt gedaan, wordt getracht zoveel mogelijk mensen de basale reanimatievaardigheden en AED bediener te leren, omdat in de meeste gevallen waarin hier vraag naar is niet direct professionele hulp aanwezig zal zijn. Reanimatie kan in eerste instantie prima door u zonder technische hulpmiddelen, of met behulp van een Automatische Externe Defibrillator die in Nederland op steeds meer plaatsen in gebruik worden genomen.

Wanneer er professionele hulp is van een ambulance, arts/ ziekenhuis kan er medicatie ter ondersteuning gegeven worden en kan er tevens 100% zuurstof rechtstreeks in de longen worden gegeven. De overlevingskans van het slachtoffer hangt sterk af van de snelheid waarmee de ambulance ter plaatse is. Voor dat u de reanimatie start moet u of een omstander 112 bellen. Uit onderzoek is gebleken dat de overlevingskans verdubbelt wanneer enkel en alleen hartmassage toegepast zou worden.

Met ingang van augustus 2006 heeft de NNR (Nederlandse Reanimatie Raad), de volgende gewijzigde richtlijnen ingevoerd:

Ademstilstand

Men controleert het slachtoffer op aanwezigheid van een ademhaling. Als er geen ademhaling is of een abnormale (agonale) ademhaling alarmeerd men onmiddellijk via 112 en laat een Automatische Externe Defibrillator halen.

Start direct met 30 borst compressies (indrukken van het borstbeen) en vervolgens 2 beademingen, Het massageren van de borstkas doet u met een tempo van 100 X per minuut (1 en 2 en 3 enz.). Sluit de AED zo snel als mogelijk aan en volg de gesproken instructies die het apparaat u voorstelt. Het tussendoor controleren van de ademhaling heeft geen zin.

Ga door met massage en beademen tot de professionele hulp (ambulance medewerkers), het van u overnemen.

Voor het leren beheersen van de reanimatie vaardigheden en het bedienen van de AED kunt u op uw eigen locatie trainingen volgen.

Hartstilstand

Tevens heeft de NRR in april 2006 nieuwe richtlijnen gepubliceerd. Bij een hartstilstand is er altijd ook sprake van een ademhalingsstilstand. Daarom controleert men met ingang van augustus 2006 alleen op aanwezigheid van ademhaling. Is er geen ademhaling, dan start men met reanimatie. Dat betekent dus masseren en beademen. Voorheen 15 X hartmassage en 2 X bademen. Nu cijfers43cijfers50 X hartmassage en cijfers42 X beademen. Men gaat door totdat professionele hulp het overneemt.

De theorie achter het masseren is dat door het eerst indrukken en daarna op laten komen van de borstkas er een negatieve druk wordt gecreeërd in de borstholte waardoor de grote vaten bloed kunnen aanzuigen. Die negatieve druk wordt pas na een aantal massages bereikt en bij het tempo van 15 massages moest men telkens de negatieve druk opnieuw opbouwen. Met 30 massages heeft men langer voordeel van de negatieve druk.

Bij een onderzoek werd er bij 27 van de 30 proefdieren bij 30 massages een beter resultaat bereikt dan bij 15 massages.

Japanse onderzoekers (2006) raden zelfs aan om bij hartstilstand na hartaanval helemaal geen beademing toe te passen. Enkel hartmassage zou de kans op overleven verdubbelen.

Algemene regel bij reanimatie

De richtlijnen van de NRR gelden in Nederland als meest gehanteerde protocollen voor leken. Voor de professional wordt het ABC protocol gehanteerd. De leek volgt de cursus BLS (Basic Life support) en AED (Automatische Externe Defibrilator) terwijl de professional (anesthesiemedewerker, IC-verpleegkundige, Ambulanceverpleegkundige) de ALS (Advance Life Support) als cursus volgt. De NRR protocollen zijn in Europees verband afgesproken.

Internationaal hanteert men het ABC protocol hetgeen staat voor Airway = Ademhalingswegen vrijmaken, Breathing = de ademhaling zelf, Circulation = de circulatie op gang brengen. Tegenwoordig uitgebreid met Disability en Exposure (ABCDE) (vertaald: D = kort neurologisch onderzoek E = verder lichamelijk onderzoek.

Kans op succes

Aan dit punt wordt in de meeste gevallen bij de voorlichting en trainingen geheel voorbij gegaan.

De stelling dat de kans op succes, gedefinieerd als een buiten het ziekenhuis gereanimeerd iemand die zonder belangrijke neurologische schade na verloop van tijd het ziekenhuis weer kan verlaten, bedroevend klein is geheel onterecht is. Want uit een Zweeds onderzoek uit 2005 werd bij maar liefst 29.700 patienten bekeken hoeveel mensen na 1 maand nog in leven waren (dus nog zonder te vragen of dit b.v. in coma aan de beademing was of gezond buiten het ziekenhuis). Na 1 maand was 2,2% van de niet door omstanders gereanimeerden nog in leven; 4,9% van degenen die door niet-professionals waren gereanimeerd, en 9,2% van de mensen die door (toevallig als omstander aanwezige) professionele hulpverleners waren gereanimeerd. Het aantal mensen dat zonder aanmerkelijke neurologische schade overleeft, is nog aanzienlijk kleiner.

Pogingen tot reanimatie zijn dus niet zinloos, en de kwaliteit van de reanimatie speelt een vrij grote rol. Als het niet lukt, hoeft de hulpverlener (leek of professional) zich echter niet schuldig te voelen.

Het resultaat is dat 5 tot 15 % van de reanimaties buiten het ziekenhuis succesvol zijn. Aannemelijk is, dat dit getal bij aanwezigheid en gebruik van een AED hoger zou liggen.

slogan